Vlaardings Nieuws
Het laatste en leukste nieuws uit de Haringstad
Zondag 15 september 2019
half bewolkt 11° Half bewolkt

De ramp van de VL40 Maria Christina

Zondag 23 september 2018, 00:05u

Vlaardingse verhalen : De ramp van de VL40 Maria Christina.

Zij liep in 1914 op een mijn en zonk in een halve minuut naar de diepte.

 

Dinsdag 27 oktober 1914, exact 3 maanden na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, zou een normale dag geweest kunnen zijn, maar het zou een gedenkwaardige dag worden. 's Avonds liep de IJM155 Atono de haven van IJmuiden binnen en rapporteerde een verschrikkelijke boodschap. Zij had deze middag om drie uur de VL40 Maria Christina na een heftige explosie zien zinken.

 

Even later voer ook de KW152 Agatha Maria binnen, die ook getuige was van het ongeluk. Zij vertelden dat 's middags een dertigtal loggers dichtbij elkaar koersten, omdat er weinig te vissen viel. De Maria Christina is een motorlogger, maar ze had de hele dag de motor niet gebruikt, aldus de Atono die in de buurt van de Maria Christina voer. Hiermee is zo goed als mogelijk uitgesloten dat de motor geëxplodeerd was.

 

De explosie vond plaats bij het voorschip. Alles werd de lucht in geslingerd, waaronder enkele opvarenden. Vervolgens werden de drenkelingen meegezogen door de zuiging van het zinkende schip naar de diepte. In een halve minuut was er niets meer te zien van de logger en haar bemanning. Daarna volgden nog drie lichtere ontploffingen.



De bemanning bestond uit 15 mannen: 3 uit Vlaardingen, 2 uit Rotterdam, 1 uit Monnickendam en - opmerkelijk - maar liefst 9 van het eiland Marken. Het eiland Marken had op het moment van het ongeluk 1400 inwoners, waarvan er 300 man werkzaam waren in de loggervaart. Het ongeluk met 9 Marken bewoners zou veel impact hebben en zo gebeurde.

 

"Naar zee!" was de leus van de ouderen en jongeren op het eiland. Bij de geboorte van een zoon, sprak men van een nieuwe wereldburger als van een loggerman. Iedere keer blijdschap als er weer loggerlieden terugkeerden van zee en reeds 80 jaar had men geen rampjaar gehad.

 

De laatste jaren voordat de oorlog uitbrak, voeren veel Markers op Duitse loggers. maar daarin kwam een keerpunt. De Markers hadden het zien aankomen. De Duitsers hadden het maar over de "Krieg" en in het najaar van 1913 kregen de Markers opeens geen contracten meer voor het komende jaar. De één na de andere Duitse rederij werd opgedoekt.

 

De Markers werden bezorgd en zagen de hoge werkeloosheid al aankomen, met daarbij de armoede en honger. Dit ondanks het feit dat er toentertijd ook al toerisme en kunstenaars waren op het eiland, maar daar kregen de inwoners maar weinig voor terug. We zouden vandaag spreken over ramptoerisme, men zag maar al te graag de eilandbewoners in hun folkloristische Markerkleding.

 

Toen de oorlog dan ook echt uitbrak, heerste er grote armoede en angst op het eiland. Er was dan ook grote blijdschap toen er een vertegenwoordiger van rederijen - de heer Van Dam uit Vlaardingen - op het eiland langskwam om scheepslui te benaderen om voor hun te gaan werken. De reders waren op zoek naar goede vissers. Vele vissers waren opgestapt doordat de lonen erg laag waren èn doordat het op zee gevaarlijker was geworden vanwege de oorlog. De Markers wilden graag weer aan de slag. Zij waren op zee immers in hun element. Dus stapten vele Markers aan boord van Nederlandse vissersboten en ook op enkele Vlaardingse schepen.

 

Reder Jacob Goudappel, eigenaar van de VL40 Maria Christina – en ook de VL39 Maria Catharina - , was dan ook erg in zijn nopjes toen de Markers op zijn nieuwe schip stapten. De stalen motorlogger was in 1913 gebouwd en schipper was de Vlaardinger J. van der Hoeven (ook aan boord zijn 15-jarige zoon) en stuurman - ook Vlaardinger - J. Vermeer. Het vaartuig voldeed aan alle eisen.

 

De heer Goudappel zorgde goed voor zijn mensen en zij werkten hard voor hem. Nadat het telegram met het vreselijke nieuws bij de Burgemeester van Marken dhr. W.A. de Groot binnenkwam, lag er een zware taak in zijn handen. Hij besprak het nieuws eerst met de 2 predikanten van het eiland en ging toen de families langs van de overleden vissers. Het was loodzwaar. Het verdriet was voelbaar en hoorbaar over het hele eiland.

 

De heer de Groot schreef enkele jaren later zijn memoires over deze trieste ontmoetingen. Koningin Wilhelmina stuurde hem en de gemeente een condoleance telegram. Tevens werd er door de regering een noodfonds opgericht voor de nabestaanden en de eerste giften stroomden al gauw binnen. Een comité werd gevormd tot steunverlening.

 

De meeste overledenen waren kostwinners en de nabestaanden moesten geldelijk steun krijgen. Het Fonds VL40 zou bestaan tot 1923, toen werden de gelden overgenomen door het zogenaamde Zee-oorlogs-ongevallenwet uit 1915. Marken hoopte, dat zij bespaard zou worden tot een nieuwe ramp. Maar al in 1916 werd zij weer zwaar getroffen.



In januari van dat jaar had het eiland een stormvloed - de zogenaamde Zuiderzeevloed - te verduren, waarbij 19 doden te betreuren waren. Dit was wel het sein tot aanleg van de Afsluitdijk en het vastmaken van het eiland Marken, met een dijk tot het vaste land. Ook vielen er nog eens 16 doden door de gevolgen van de oorlog. Achteraf was het ongeluk van de VL40 Maria Christina, slechts het begin van de ellende voor de Markers.

 

De burgemeester was teleurgesteld over het rapport over de VL40. De KW152 en IJM155 hadden wel verklaard, dat de VL40 onder zeil lag en stomende was, maar dat zij hulp niet konden bieden, omdat de zee te onstuimig was. Maar het meest wrange was, dat het hoogstwaarschijnlijk op een Nederlandse mijn gelopen was. Er werden in die tijd vaak meerdere mijnen aan elkaar verbonden, welke de meerdere ontploffingen zou verklaren na de eerste grote klap.

 

De mijnen waren mogelijk gelegd voor de verdediging van ons land, dat achteraf niet nodig zou blijken, omdat Nederland neutraal bleef in de Eerste Wereldoorlog. Nu trof zij een onschuldig vissersboot met jonge - en hardwerkende Markers en waarbij het verdriet hiervan nog jarenlang voelbaar was op het eiland Marken.

 

Tekst : Edwin van der Ham

Bronnen: W.A. de Groot - Oorlogsramp op het eiland Marken (1924) Leids Dagblad 28 oktober 1914 Jaarboek Marker Museum 2014


1714 keer bekeken • Laatst gewijzigd op 23 september 2018, 00:22